Ruim 250 NVVE-leden en belangstellenden woonden woensdag 17 februari in Amersfoort de vertoning van de documentaire over de geschiedenis van de euthanasiewet bij. De twee bijeenkomsten, met debat na, werden gehouden in het kader van de Week van de Euthanasie (13 t/m 20 februari).

'Dappere dochters' en 'dappere dokters' over euthanasiewet

Onder leiding van journalist Frénk van der Linden discussieerden betrokkenen en publiek naar aanleiding van De strijd om het einde, de film van Nan Rosens, over de vraag of de euthanasiewet toekomstbestendig of aan renovatie toe is. In de middag zaten twee 'dappere dochters' (Ymke en Marga) en twee 'dappere dokters' (Piet Schoonheim en Flip Sutorius) op het podium.

Ymke vertelde hoe de daad van haar moeder, Truus Postma (die in 1973 haar moeder euthanasie gaf), lange tijd een 'gezinsgeheim' was. 'Totdat het in de krant kwam. Toen stonden de journalisten in onze tuin. Ik was 13, 14 jaar en ik kon me heel goed voorstellen dat mijn moeder oma had geholpen.' De jongere Marga, die aanvankelijk van niets wist, vertelde hoezeer zij schrok toen zij uit school kwam en thuis politie aantrof. 'De commotie was heftig.'

Klip en klaar

Piet Schoonheim gaf in 1982 euthanasie aan een 95-jarige vrouw die leed onder haar ernstige lichamelijke aftakeling. Zijn zaak leidde in 1984 tot de eerste uitspraak over euthanasie van de Hoge Raad, waarin de basis werden gelegd voor wat later de euthanasiewet zou worden.

Schoonheim vertelde dat het destijds weliswaar zijn eerste euthanasie was, maar dat de zaak voor hem 'klip en klaar' was geweest. 'In de opleiding werd er weinig over gesproken, maar wij hadden een themagroep opgericht, waar we veel over euthanasie discussieerden. Ik was er voor mezelf uit wanneer je het wel en niet mocht doen. Alleen van de juridische gevolgen wist ik niets. Ik kende de zaak-Postma niet eens.'

De Overveense huisarts Flip Sutorius gaf in 1998 euthanasie aan de 95-jarige oud-senator Brongersma die zijn leven voltooid vond. Voor hem lag de zaak heel anders. 'Ik ben geen held, mij is het gewoon overkomen. Die vier jaar in de aanloop van het proces waren een enorm moeilijke tijd. Ik voel me nu bevoorrecht dat ik het heb meegemaakt en ik ben ontzettend trots op onze deze wet, maar ik heb me in die tijd verschrikkelijk eenzaam gevoeld.'

Ruimte in de wet

Na de avondvoorstelling van de film namen Heleen Weyers (docent rechtstheorie aan de universiteit van Groningen), Esther Pans (advocaat en bestuurslid van de Levenseindekliniek), Jan de Heer (huisarts in Enschede) en Robert Schurink (directeur van de NVVE) plaats op het podium.

Net als Pans en De Heer verklaarde Weyers zich een tegenstander van veranderingen in de euthanasiewet. 'De film laat zien wat een lange weg de totstandkoming is. Er zit bovendien nog ruimte in, die niet door artsen wordt benut. We moeten naar de dokters toe. Vele kennen bijvoorbeeld de juridische betekenis van een behandelverbod niet. Zij denken dat je dat terzijde mag schuiven. Wat niet zo is.'

Jan de Heer vertelde over een demente patiënte die hem tien jaar geleden om euthanasie vroeg, wat hij weigerde. Ze stierf na een pijnlijk ziekbed. 'Nu had ik dat misschien wel aangedurfd. Ik heb veel geleerd van de oordelen van de regionale toetsingscommissies. Er blijkt meer ruimte te zijn dan ik toen dacht.'

Esther Pans benadrukte dat er in de loop van de tijd eisen zijn bijgekomen die helemaal niet in de wet staan. 'Een wilsverklaring hoeft niet schriftelijk te zijn en je hoeft je wens ook niet voortdurend te actualiseren. Die eisen zijn er vooral voor de dokters zelf.'

De opmerking van Schoonheim dat de KNMG 'wel een conservatieve club' is, werd genuanceerd door Heleen Weyers. 'Vergeet niet dat de KNMG de enige artsenorganisatie ter wereld is die zich positief heeft uitgesproken over euthanasie.'

Ontvang onze nieuwsbrief

Deel dit item: